Het ontstaan van Lauradorp.
door: John Smeets.

 

De naam Lauradorp.

Het begint allemaal met de winning van steenkool te Eygelshoven.
De Duitsers Antoon. H. Wackers, molenaar te Herzogenrath, en Gustaaf Schümmer uit Klinkheide-Pannesheide verkregen in 1876 de concessie om steenkool te winnen in Eygelshoven en omgeving. Deze concessie noemden ze “Laura”, naar de vrouw van Wackers. Wackers en Schümmer verkochten hun rechten aan de Eschweiler Bergwerke-Verein en het Verenigd Gezelschap voor Steenkoolontginning in het Wormdistrict te Kohlscheid. Beide ondernemingen behoorden vervolgens tot de oprichters, in 1899 te Brussel, van de Naamloze Vennootschap LAURA & VEREENIGING. De Belg Albert Thijs werd de eerste president. Pas in 1905 kwam, na een jarenlange moeizame aanloopperiode, de productie van kolen door de mijn Laura op gang. Na Wereldoorlog I (1918) nam de vraag naar steenkool enorm toe en daarom kon Laura & Vereniging in 1921 een tweede mijnzetel in aanbouw nemen, eveneens in Eygelshoven. Deze mijn werd naar de vrouw van Albert Thijs genoemd: “Julia”.
De naamgeving van de Maatschappij en van de beide mijnzetels, zo vertelt archivaris Gerard Brouns, heeft nogal eens aanleiding tot misverstanden gegeven. Zo was een brief uit België eens geadresseerd aan: “de Mevrouwen Laura & Julia”. En een brief van een Nederlandse instantie begon met de aanhef: “Dames en Heren”.

 

Buitenlanders te Lauradorp.

Van heinde en verre, uit heel Nederland, maar ook uit het buitenland, kwamen werkzoekenden op de werkgelegenheid bij de mijnen af. In 1924, zo meldt Dr. Remigius Dieteren, bestond negen procent van de lagere schoolbevolking in het mijngebied uit buitenlandse kinderen en in 1932 was dat ruim vijftien procent. Onder deze kinderen bevonden zich veel Duitsers, grote groepen Polen, Joego-Slaven en Tsjecho-Slowaken, Belgen, Oostenrijkers, Hongaren, Italianen en kleinere aantallen Fransen, Engelsen, Amerikanen, Roemenen, Zwitsers, Russen, Letlanders, Luxemburgers en kinderen zonder nationaliteit. In ongeveer 30 scholen vormden de buitenlandse kinderen meer dan 25 % van de schoolbevolking, in sommige meer dan 40 %. “Het hoogste cijfer”, aldus Dieteren, “behaalden de scholen van het Lauradorp te Waubach met ongeveer vijftig procent”.

Huisvesting .

Die mijnwerkers moesten gehuisvest worden.

Laura & Vereniging (L&V) pakte dat grootscheeps aan. Voor het personeel van de eerder geopende mijn Laura had de onderneming woningen gebouwd in Eygelshoven. De buurtschap Hopel is daardoor ontstaan. Voor het personeel van de nieuwe mijn JULIA werd in de gemeente Ubach over Worms, tegen Waubach aan, een compleet dorp ontworpen: het dorp van Laura & Vereniging, Lauradorp dus. Zo komt het dat de meeste mijnwerkers die in Lauradorp een woning kregen, niet werkzaam waren op de Laura, maar op de Julia.

 

Woningstichting Thuis Best.

De woningen van Lauradorp waren uitsluitend bedoeld voor het personeel van Laura & Vereniging. Ze werden verhuurd en beheerd door de woningstichting Thuis Best. Aan Thuis Best moest de huur worden betaald. Dat ging overigens via het loonstrookje. De huurders betaalden niet rechtstreeks aan Thuis Best, maar de mijn hield de huur in op het loon. Vandaar ging de huur naar Thuis Best.

 

Een mooi dorp, een tuindorp!

De Amsterdammer Willem Schweitzer was in die tijd directeur van L&V. Hij wilde een mooi dorp. Zijn personeel moest zich er thuis zou voelen en gezond wonen. Drie architecten kregen het verzoek het dorp te ontwerpen. Eisen waren: brede straten en grote pleinen, veel groen, grote tuinen en alle nodige voorzieningen, zoals: scholen, kerk met patronaat en klooster, huishoudschool voor de meisjes, bioscoop, consultatiebureau en winkels. Het ontwerp van architect Jan Drummen uit Brunssum won het en Drummen heeft een heel mooi dorp gebouwd. De mijndirectie was heel trots op haar dorp en naar verluidt kwamen vele andere gemeenten en ondernemingen die nieuwe woningen wilden bouwen, naar Lauradorp voor informatie en inspiratie. In 2008 kreeg Lauradorp de eretitel van Beschermd Dorpsgezicht.
Rond 1925 kwam de bouw goed op gang, maar in 1931 stagneerden de bouwactiviteiten. Pas de helft van de geplande 1000 woningen was opgeleverd. Door de wereldwijde economische crisis nam de vraag naar steenkool sterk af. De mijn kon geen geld meer steken in de verdere bouw van haar dorp. Bovendien was dat voorlopig ook niet nodig, want veel mijnwerkers, vooreerst de buitenlanders, kregen ontslag. Zij moesten elders werk zoeken en daardoor kwamen tussen 1931 en 1937 veel woningen leeg te staan. Rond 1935 stond bijna de helft van de woningen leeg. Dat duurde tot 1937, toen de economie weer aantrok.
Pas na 1945 kon Lauradorp worden afgebouwd. Er kwamen zo’n 450 woningen bij en in het begin van de vijftiger jaren kwamen ook de eerder geplande winkels tot stand (aan het kerkplein) en, in 1956, ook een Gemeenschapshuis, dat aanvankelijk “Huis Lauradorp” genoemd werd
 De bouw van Lauradorp.

 

Meer informatie over Lauradorp?

 

Voor dit verhaal is in het bijzonder gebruik gemaakt van de publicatie Uit de geschiedenis van Laura & Vereniging door Gerard Brouns te Eygelshoven, alsmede van het boek van Dr. Remigius Dieteren O. F.M.: Grondbeleid en Volkshuisvesting in de Mijnstreek.

Een uitgebreid artikel in het Jaarboek 2008 van de Heemkundevereniging Landgraaf vertelt over de architecten en de bouw van Lauradorp.

 

Ook interessant zijn wellicht:
• Jaarboek 2007: Maastrichterlaan 80, Lauradorp, een bijzonder adres. (Dit gaat over de salesianen van Don Bosco)
• Jaarboek 2009: Het onderwijs te Lauradorp - Ubach over Worms.

 

Teksten beschikbaar onder CC-BY-SA/GFDL.